Koen Van Gelder

In Herne, dicht bij de taalgrens, vind je het melkveebedrijf van Koen en Anny Van Gelder. Ook zij weten hoe belangrijk het is om zorg te dragen voor de bodem. 

Wie?
Koen en Anny Van Gelder
Wat?
Biologisch melkveebedrijf
Waar?
Herne
Aantal hectare?
47,9
Bio sinds?
1999

(dit interview verscheen ook in Bio Actief 30)

Koen en Anny namen in 1992 het bedrijf over van hun ouders en kozen na 7 jaar voor bio. "Naast zo'n zestig melkkoeien met jongvee hebben we ook gangbare varkens. We telen daarnaast wintergerst, triticale met veldbonen of erwten, een mengteelt van spelt en veldbonen, spelt, luzerne en grasklaver."

Koen is heel duidelijk: de bodem betekent alles in biologische landbouw. Als die niet goed zit, dan kan je het volgens hem vergeten. Hij heeft er dan ook zijn hele bedrijfsvoering op afgestemd.

"Ik gebruik stal- en drijfmest om de bodem te voeden, en voeg PRP-kalk toe. Mijn koeien staan in een potstal, zodat ik meer stalmest heb. Dat vraagt wel wat inspanningen: strooien, met andere boeren samenwerken om aan genoeg stro te geraken, ... Gelukkig krijg ik voor al dat werk kwaliteitsmest in de plaats."

DIVERSITEIT
Een gezonde bodem bereikt Koen ook via zijn vruchtwisseling. Die is heel uitgebreid, maar dat is nodig: "als bioboer moet je proberen zoveel mogelijk voeding uit je bodem te halen. Dat kan alleen als je er veel aandacht aan schenkt. Diversiteit in mijn vruchtwisseling zorgt hopelijk ook voor diversiteit in mijn bodemleven. Ik probeer mijn grond altijd bedekt te houden en teel veel najaarsgewassen. Dankzij de mengteelten en vlinderbloemigen staat altijd wel iets in bloei, wat dan weer goed is voor de bijen."

"Als bioboer moet je proberen zoveel mogelijk voeding uit je bodem te halen."

Tegelijkertijd heeft hij maïs uit zijn teeltrotatie gegooid, omdat dat een negatief effect had op de bodemstructuur.

Maar er is naar eigen zeggen nog altijd ruimte voor verbetering. "Ik blijf het koolstofgehalte van mijn bodem aan de lage kant vinden. Ik vraag me soms af of composteren daarbij zou kunnen helpen, maar dat vraagt veel werk en ik heb weinig tijd."

"Daarnaast zien we in de biomelkveehouderij een soort bodemmoeheid: er zitten steeds minder klavers in het grasland." Een probleem dat Koen probeert tegen te gaan door zijn vruchtwisseling nog verder uit te breiden.

RESULTATEN
Wat leveren die inspanningen op? "Hoe meer je investeert in je bodem, hoe meer je terugkrijgt: het geeft gezond voer, dat op zijn beurt zorgt voor gezonde dieren. Dat neemt niet weg dat je ervaring en kennis moet opbouwen voor je het hele plan in je hoofd hebt. Die kennis pik ik op via Biopraktijk en de landbouwpers, maar vooral ook in de Biobedrijfsnetwerken."

"De bodem is het belangrijkste dat we in bio hebben."

Dat is dan ook de boodschap die Koen aan zijn collega's wil meegeven: "Ga er niet van uit dat je alles weet: elke dag valt er wel iets nieuws te leren. En draag zorg voor je bodem: het is het belangrijkste dat we in bio hebben."