Biologisch fruitbedrijf Van Eykeren

In het mooie Watervliet hebben Koenraad Van Eykeren en Leen De Craecker sinds eind jaren 90 een biologisch fruitteeltbedrijf. Voor hen biedt samenwerken een meerwaarde. 

Wie
Koenraad Van Eykeren en Leen De Craecker
Wat
biologische appelen en peren, appelsap 
Waar
Watervliet 
Wanneer
bio sinds 1999, met Biogarantie 
Hoeveel
18 ha 

Een ingekorte versie van dit interview verscheen in Bio Actief 25

Koenraad Van Eykeren en zijn vrouw Leen kozen in eerste instantie  voor geïntegreerde fruitteelt, waarbij er zoveel mogelijk wordt ingezet op natuurlijke bestrijdingsmiddelen. Alleen ging dat voor hen niet ver genoeg. Aangemoedigd door de vraag vanuit Voedselteams, beslisten ze de stap naar bio te zetten.

“In tegenstelling tot wat je soms hoort, is er toch een groot verschil tussen geïntegreerde en biologische teelt. De geïntegreerde teelt neemt geen enkel risico: van zodra er een plaag dreigt, wordt die (chemisch) bestreden. Ook onkruidbestrijdingsmiddelen en kunstmeststoffen worden in de geïntegreerde teelt steeds gebruikt, in de biologische teelt nooit. Wij werken liever met de natuur samen en laten vooral haar het werk doen. Daardoor moeten we natuurlijk wel goed weten wat er allemaal leeft in onze boomgaard en er op kunnen vertrouwen dat er meer nuttige dan schadelijke insecten aanwezig zijn. Heel boeiend allemaal.”

ve1

Hun manier van werken heeft een positieve impact op de leefomgeving. “Mensen kiezen vaak voor bio omdat ze aan hun gezondheid denken, maar we vinden de impact op het milieu toch ook een belangrijke reden.” In hun boomgaard vind je dan ook genoeg natuurlijk elementen. “Die zorgen voor een grote biodiversiteit, al zijn we natuurlijk nog altijd een professioneel bedrijf in plaats van een natuurgebied.”

Bovendien zien ze ook een voortrekkersrol weggelegd voor bio. “Kijk maar naar de methode van de feromoonverwarring in de bestrijding van de fruitmot. De methode heeft zich eerst in de biologische landbouw ontwikkeld en is nu wereldwijd in gebruik.”

AFZET
Ongeveer 10 procent van de oogst wordt geperst tot sap, de rest wordt verkocht via verschillende kanalen: “Diversifiëren maakt ons minder afhankelijk en daardoor staan we sterker”, aldus Koen. Hun grootste afzet verloopt via BelOrta, maar ze zijn ook aangesloten bij Voedselteams en de coöperatie Mmm…eetjesland. Af en toe verkopen ze ook fruit op het bedrijf zelf. Zelf schatten ze dat 20 procent van hun verkoop via de korte keten verloopt.

“Diversifiëren maakt ons minder afhankelijk en daardoor staan we sterker.”

De coöperatie Mmm…eetjesland zet al sinds 2007 streekproducten uit het Meetjesland in de kijker. Zij waren er van bij het begin bij: “Die focus op streekproducten sluit nauw aan bij onze wens naar regionale afzet.” Dat er maar enkele biobedrijven in de coöperatie zitten, is voor hen geen probleem. “We nemen via Mmm.eetjesland soms ook deel aan lokale boerenmarkten en er is duidelijk meer openheid dan vroeger.”

Het is duidelijk dat Koenraad en Leen voluit voor samenwerking kiezen. “Samen sta je sterker. Dankzij een coöperatie bijvoorbeeld zorg je samen met andere bedrijven voor afzet. Die samenwerking heeft soms ook wel een keerzijde: hoe groter de structuur, hoe minder je zelf de producteisen kan bespreken met de uiteindelijke klant. De biosector moet opletten dat ze niet volledig meegaan in het verhaal dat elke appel even groot moet zijn. Dan krijg je uiteindelijk maar een deel van je oogst via die weg verkocht.”

Daarom zijn ze blij dat de Voedselteams steeds belangrijker worden voor hun afzet. “Voor hen maakt het formaat of de appelsoort niet uit. Ze vinden die afwisseling zelfs een meerwaarde. Het persoonlijke contact speelt hier ook een grote rol. Elk jaar komen er teams op bezoek. Wij tonen dan onze manier van werken en ons aanbod. Bovendien kunnen we daardoor ook samenwerken met andere producenten. Daar zijn goede logistieke afspraken voor nodig en ook dat loopt steeds beter.”

SAMENWERKEN
Onder de biologische pitfruittelers heerst er een goede verstandhouding. “Er is veel openheid. We kunnen altijd bij elkaar terecht voor advies en gaan samen op bedrijfsbezoeken, zowel in binnen- als buitenland. Bovendien zijn er geen problemen met afzet, omdat de handel in eerste instantie naar het fruitaanbod in eigen land kijkt. Samen produceren we genoeg om van september tot april aan de vraag te voldoen. Dat geeft veel voldoening.”

“Samenwerken betekent openstaan voor de ander en niet alleen aan je eigen belangen denken.”

Toch vraagt elke samenwerking een inspanning. “Samenwerken betekent openstaan voor de ander en niet alleen aan je eigen belangen denken. Een bekrompen houding of jaloezie staat een goede samenwerking in de weg.”

Koenraad en Leen durven nog hardop te dromen: “Het zou leuk zijn als in de toekomst een regionale samenwerking met bioboeren mogelijk zou zijn. Iedereen heeft dan zijn eigen teelten en samen zorgen we voor afzet en kennisuitwisseling.”